consultatiebureau 2.0

0 Flares 0 Flares ×

Mijn zoontje is nu geen echte baby meer. Dat wist ik al wel, want het is een dreumes, zoals men dat noemt. Dit woord past ook wel bij hem vind ik.  Lekker door het huis rondbanjeren op ontdekkingstocht, waarbij zoveel mogelijk uit de kast getrokken wordt, letterlijk.

Weeguurtje
Met mijn dreumes ging ik deze week voor de laatste keer als “baby” naar het consultatiebureau. We waren voor de verandering iets te vroeg en pikten daardoor nog net een staartje mee van het beruchte weeguurtje. Uit eigen ervaring was ik niet bekend met dit uurtje, nu mijn zoon met ruim 4,5 kilo ter wereld kwam en in rap tempo verder in gewicht toenam. Zorgen om zijn gewicht heb ik dus nog nooit gehad, althans zeker niet dat hij te weinig zou wegen, eerder misschien een beetje te veel. Nu kon ik met eigen ogen zien hoe mini sommige babietjes ter wereld komen. Zo piepklein als ik de kindjes daar zag, heb ik mijn eigen zoon nog nooit gezien. Mijn zoon keek ook zijn ogen uit, daar zat hij op een aankleedkussen, met zijn 13 kilo en 85 centimeter (zo bleek enige tijd later). Hij leek wel een peuter tussen die kleintjes!

Er was ook een minimannetje met een naam die je uitspreekt als Beer, zo begreep ik van de assistente die naar de moeder riep hoe je de naam eigenlijk uitsprak (je schrijft het namelijk als Baer weet ik van diezelfde assistente). Best ironisch, want die naam doet toch niet erg mini aan. Hij was minuscuul maar het was verder niet zorgelijk. “Het is gewoon een heel erg klein mannetje”. Daar sta je dan als mama van Beer. Beertje dan misschien?

Ook zo fijn, dat de assistentes daar vanalles over je kind naar je hoofd roepen, terwijl jan en alleman daar mee staat te genieten. Best een beetje leedvermaak eigenlijk zo’n tripje consultatiebureau. Dat gaat overigens altijd twee kanten op, want zelf kom je ook nooit ongeschonden uit de strijd, althans ik niet. Dus voelde ik me niet al te schuldig over mijn kleine binnenpretje.

Meten en wegen
Toen Beer en de andere mini’s met grote namen de ruimte hadden verlaten, was mijn reus aan de beurt. Tot mijn grote vreugde wist de assistente mij te vertellen dat dit het laatste baby-bezoek was en dat hij pas weer zou worden opgeroepen als hij een peuter is. Wat een opluchting! Ik vind het namelijk een behoorlijke onderneming. Alleen de locatie van het bureau is al een crime. Midden in het centrum. Parkeren is dramatisch. Eerst überhaupt een plek zien te vinden, dan twintig keer proberen je iets te grote “gezins”auto in dat krappe plekje te peuren (lees:fileparkeren voor gevorderden), dan de goed verstopte kaartjesautomaat vinden en ondertussen je kind alleen in de auto laten zitten, weer terug naar de auto omdat je eerst je kenteken moet invoeren, die natuurlijk niet tot mijn parate kennis behoort, terug naar de automaat en klungelen om er een kaartje uit te piemelen. Ik krijg er toch lichtelijk stress van. Vervolgens loop je al behoorlijk oververhit het tot 40 graden opgestookte bureau binnen in je veel te dikke winterjas met je enorme zoon op de arm die nog net niet kan lopen. Zweeeet!!

En dan het wegen en meten, je kind in een houten bak met kraakpapier en een grote koude weegschaal met dito papier. En de luier even af graag! Daar sta je dan een voor je gevoel zeer lange minuut je kind in bedwang te houden terwijl hij op de weegschaal balanceert, hopende dat zijn piemeltje niet net op dat moment besluit als een automatische grassproeier in de rondte te gaan zwaaien en de hele boel, de assistente incluis, nat te piesen. In het allerbegin vond ik het risico op een flinke hoeveelheid spuitpoep overigens helemaal hartverzakkend spannend. Gelukkig zijn deze angsten nooit waarheid geworden en zijn we er nu ook vanaf, want in het vervolg mag hij zijn luiertje lekker aanhouden. Kennelijk komt het dan niet meer zo nauw. Fijn!

Hol van de leeuw
En dan mag je na soms lang wachten naar het kamertje van de arts of de verpleegkundige voor het echte werk.
Voorlopig waren dit overigens de laatste vaccinaties, een zege! Mijn zoon kan namelijk heeeeel erg boos worden. En terecht als je het mij vraagt. De zo lief lijkende verpleegkundige die je eerst verleidt met gekleurde houten blokjes en lieve woordjes, zodat je lekker op je gemak met diezelfde gekleurde blokjes kan laten zien hoe goed je je al conform de boekjes ontwikkelt, of niet. En net als mijn zoontje goed is opgewarmd en vrolijk aanbrabbelt tegen de dame in kwestie, steekt diezelfde dame twee lelijke naalden in je bovenbeentjes. En mama houdt je zo stevig vast dat je geen kant op kunt; wat een intens gemeen complot. Deze keer viel het met de boosheid gelukkig reuze mee en was het na een minuutje gillen wel afgelopen.
Dat heb ik weleens anders meegemaakt.

Krijsen totdat we het pand verlieten (en dat verlaat je niet zo 1,2,3!) . Kindjes die lekker nietsvermoedend in de warme wachtruimte in hun dekentje zitten te wachten op wat nog komen gaat…en dan kom jij terug met je moord en brand schreeuwende en paars aangelopen baby die met man en macht niet is af te leiden. Pure kwaadheid heeft zich van hem meester gemaakt. En dan nog zien dat je in al dat gekrijs en met vier paar ogen van andere ouders in je rug rompertje, broekje, sokjes, jasje, mutsje nog aankrijgt. Pas als ik met de vlekken in mijn nek, die er uit moet hebben gezien als een rood ingekleurde landkaart, met maxi-cosi en al de deur uit vluchtte, viel meneer van alle commotie spontaan in slaap. Nooit geweten dat ik zo kon zweten!

Al met al viel het dit keer dus alleszins mee en was ik trots op mijn kind die lekker rustig met zijn lievelingsknuffel de andere kindjes zat te observeren, nagenoeg niet huilde na de prikken en zelfs op het aankleedkussen in was voor een dolletje. Voelde ik nou jaloerse blikken?

Laat versie 2.0 van het consultatiebureau maar komen!

0 Flares Twitter 0 Facebook 0 Email -- Google+ 0 0 Flares ×

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *